2

Lessen in de nacht

Is er een huwelijk zonder nacht? Ik vraag het me steeds vaker af. Wat moeten we aan God vragen in de nachtelijke uren van ons huwelijk? 

Ik deel ons eigen verhaal….

Het is nacht. Ik zit op de veranda achter ons huis, wat op een doodlopende weg staat. De stilte is weldadig en de duisternis voelt als een deken. En toch… mijn hoofd tolt, mijn hart huilt en mijn ogen tranen.

Ik ga de dag afsluiten, de deuren op slot en de lichten uit. Morgen moet ik weer klaarstaan voor de kinderen. De kinderen…Mijn moederhart huilt. Wat had ik me alles anders voorgesteld. Stil sluip ik de trap op. Voor wie? Voor mijn eigen man; voor Aart. Hij slaapt, zoals hij al de hele dag heeft gedaan. Ik wil ook niet dat hij wakker wordt want dan wordt de pijn nog schrijnender. Mijn woorden komen niet binnen en hij kijkt me aan alsof ik een vreemde ben. Zo voel ik me ook. Vreemd voor mijn eigen man en vreemd met mijn eigen man. EIGEN?

Ik probeer te slapen. Nog een keer draai ik me om. Ik hoor de koekoeksklok beneden die mij vertelt dat het middernacht is. Aart draait zich om en ik zorg dat ik op de rand van het bed lig om zijn lichaam niet te voelen. Ik kan het niet meer verdragen. Wie is deze man?

De slaap komt niet. Ik pieker over het drama waar ik in ben terecht gekomen. Ik zoek naar de schuld van dit drama. De klok slaat twee keer. Oververmoeid draai ik nog een keer. Hoe moet het morgenochtend? Ik moet alle zes onze kinderen klaar maken zodat we op tijd zijn voor school.

Grote verwarring komt over me. Ik kan zo niet meer verder. Dit verwoest ons gezin. Ik doe mijn trouwring af en leg deze op mijn nachtkastje. Ik huil. Ik snik. Aart draait weer een keer. Ik luister en vraag me af of hij wakker is…Onbeschrijfelijk; samen in één bed en vreemden voor elkaar.

Overdag loop ik op eieren. Wanneer hij wakker is blijf ik uit zijn buurt. Hij laat agressie zien. De kinderen zien hun vader weinig, hij ligt in bed en wil rust. Ik houd ze bij hem weg….

Wie weet van onze pijn? Onze familie woont verder weg. Wij wonen buitenaf. Zou er iemand zien dat ik weinig slaap? Dat ik midden in de nacht soms in de auto stap en weg ga; de rust opzoek, naar God riep….Hoorde Hij niet? Het bleef stil…. En ik droeg een kruis wat te zwaar was om te dragen en vond geen rust.

Op een morgen krijg ik een plan. We gaan samen weg want er moet een keerpunt komen in deze situatie. Zo kan het niet meer. En ik verlang zo, ik verlang naar een man, naar mijn man. Daarom doet mijn hart zo’n pijn.

……..

En daar zitten we. Samen in een caravan. Het is benauwend stil. Is dit wat ik wilde, waar ik naar verlangde? Ook die nacht slaap ik een enkel uurtje. De volgende morgen doe ik mijn best om een heerlijk ontbijt klaar te maken en dek de tafel buiten. De stilte van de morgen, het krassen van de kraaien, het geuren van het gras, het ruisen van de bomen; al mijn zintuigen staan open. Mijn voelsprieten zijn antennes die alles opvangen. Mijn oren zijn gespitst op elk geluid. Komt hij al? Ik heb hem juist zo rustig toegesproken en gevraagd om samen met mij te ontbijten.

En onverwacht is daar het moment dat ik breek. We zitten tegenover elkaar aan de ontbijttafel, we kijken elkaar aan met lede en vermoeide ogen. Ik vraag of hij wil bidden. Ik leg mijn handen in zijn handen. Ik voel hem ontspannen. We bidden samen. We bidden om nieuwe liefde en kracht in het kruis. God hoort! Ik huil me leeg terwijl mijn hart volstroomt! Ik leg mijn hoofd op de schouder van Aart. Hij laat het toe. Hij strijkt een keer over mijn haar. Is het echt waar? Voel ik dat goed? Wat is dit? Het is bijna teveel voor me. Dit diepe dal wordt een lange reis naar het hart van elkaar. Kruispunten worden keerpunten wanneer het kruis ons raakt.

Wat ik leerde in de diepste dalen.

  1. Mijn man was depressief. Hij kreeg medicatie waarvan we later begrepen dat deze agressiviteit als bijwerking had. Hij kon zich niet uiten in woorden en voelde zich machteloos tegenover zijn gezin en tekort schieten tegenover mij. Maar hij kon het niet zeggen; hoe moest hij het zeggen?
  2. Ik miste Aart omdat ik IK was met mijn man en met mijn gezin. Wie was ik? Ik vervulde de leegte van binnen met een mooi huis, mooie kleding; ik had smaak, leuke spulletjes, gezellige uitjes, romantische avondjes, altijd bezig zijn, ….. Iedereen moest wel zien wie Corrie is en wat ze allemaal kan.
  3. Ik wilde Aart veranderen naar mijn beeld van hem maar hij bleef zichzelf. Ik ergerde me aan zijn manier van de dingen benoemen, aan zijn oude schoenen die hij aantrok op visite, dat hij het liefste in zijn oude plunje rondliep, dat hij knoeide met eten, dat hij rookte, dat hij niet sportief was, dat hij…..
  4. Beider gezinnen van herkomst waren geen voorbeeld voor ons. Hoe moet je elkaar vergeven? Hoe moet je in moeilijke periodes van het huwelijk liefde en trouw leven? Wat zijn de verschillen tussen mannen en vrouwen? Wat is een Bijbels huwelijk? Zegt de Bijbel iets over het huwelijk?
  5. De patronen in ons huwelijk waren ongezond. Verwachtingen werden eisend, eisen werd een dwingende roep om liefde, teleurstellingen werden verwijten, verwijten verwijderen ons meer en meer van elkaar. Wie het op deze manier van zijn echtgenoot verwacht gaat teleurgesteld door het leven.
  6. Ik boekte een paar dagen weg. Dit kruis werd de tijd om in te keren tot mezelf; wat kan ik veranderen in mezelf om deze situatie voor ons samen te veranderen? Als of God mij wakker riep en nieuwe gedachten gaf. Ik leerde zien dat wie met zichzelf begint de situatie verandert. Wanneer de situatie verandert wordt de ander in een nieuwe situatie gezet wat de patronen die zijn ontstaan weer doorbreken.
  7. Buigen voelde voor mij als verliezen. Ik had een sterke wil. In Gods liefde werd ik gebroken.
  8. Ik begreep het lijden niet. Ik begreep God niet. Hoe kon ik dan weten dat lijden een essentieel onderdeel is van onze verlossing en van het groeien in gelovig zien op Gods woord en beloften? Gods doel van lijden is om ons te laten zien dat deze wereld voorbij gaat met haar begeerlijkheden en dat er een beter Koninkrijk is. God wil ons dicht bij Hem hebben. Hij gaf Zijn grootste liefde, Zijn Zoon voor zondaren.
  9. Onze huwelijks-tekst kreeg in het vernieuwingsproces waarde voor mij: ‘Want van hem is mijn verwachting!’ In Hem lag mijn nieuwe identiteit die ik heb ontvangen als het grootste levensgeschenk door de diepe dalen heen.
  10. Ik leerde dat ik als vrouw een schuilplaats voor mijn man behoorde te zijn.

God bereidde me, in deze lijdensweg, voor op het volgende diepe dal. In dat dal waren Zijn beloften de bron van troost bij elke stap. En Hij doet wat Hij beloofd daar kun je van op aan!

Deze les leerde ik in de diepe dalen van het huwelijks- en gezinsleven. Ik ben dankbaar voor de weg die God mij als een ongewenst geschenk gaf in Zijn liefde. Een Vader die kastijdt tot nut en zegen.

Nu mag ik me inzetten voor het huwelijk. Mijn moeder zei op haar sterfbed: ‘Kind dat jij dit werk mag doen’. Ze wist niets van ons kruis in het huwelijk. Ze kende wel haar eigen huwelijksleed, haar eigen eenzame worstelen.

Mag ik aan jou wat handvatten geven?

  1. Winston Churcill zegt op de puinhopen net na de 2e Wereldoorlog: ‘Never let a good crisis go to waste’. Al doet een crisis pijn, het biedt ook kansen tot vernieuwingen; nieuwe liefde. Pijn hoef je niet weg te stoppen. Te vaak willen we snel naar een oplossing en lijkt vluchten de weg te zijn.
  2. Vraag God hoe je op dit kruis moet reageren en wat Hij je leren wil.
  3. In de crisis mogen we de weg kwijt zijn en klagen bij het leed dat we in de ogen kijken. Misschien moeten we onze maskers kwijt en eerlijk worden.
  4. Je hebt mensen nodig die je aanmoedigen en voeden met het juiste voedsel. Die je de juiste vragen stellen. Die kunnen luisteren en die je kunt vertrouwen.
  5. Zoek stiltes. Die kunnen helend zijn. In de stilte komt de emotie tot ruimte en worden zaken helder. In de Bijbelse stilte kan Gods stem worden gehoord en kan de Heilige Geest je troosten en leiden naar de juiste richting. Dan lijkt de storm te bedaren en is er diepe vrede en rust in de crisis.
  6. Ga even uit de situatie. Op een andere plaats waait een frisse wind door je gedachten.
  7. Wat teveel op je bord ligt is met een te grote lepel opgeschept. Denk na over je taken en je levensritme. Wat mag de druk van het leven jou kosten? Wanneer je agenda gevuld is met ‘jan en alleman’ en geen tijd voor je man of vrouw dan is NEE JIJ DOET ER MINDER toe je boodschap.
  8. Laat alle sociaal wenselijke gedragingen voor de buitenwereld los en wordt wie je bent. Zoals God je heeft bedoeld. Wie zichzelf gaat accepteren kan Zijn Schepper eren. Het geeft rust!
  9. Ga samen na op welke levensgebieden de crisis is ontstaan en schrap wat de bloei van jullie huwelijk in de weg staat.
  10. Heb het lef om in de crisis jezelf kritisch te bekijken en je schuld te belijden. Wacht niet in je gevangenis op het moment dat de deuren zich vanzelf openen maar gebruik de sleutel die de zegeningen vrijzet.
  11. Weet dat een ongewenst ‘geschenk’ jullie is overkomen waarin je geslepen wordt als een diamant. Het huwelijk is een probaat middel om ons eigen IK te vormen naar Gods beeld.
  12. Na de eerste hechting met je ouders komt er niemand meer zo dichtbij dan je man of vrouw. De eerste hechting is bepalend voor de tweede hechting. Heb je je geliefde gevoeld in het gezin van herkomst? Mocht je zijn wie je bent? Werd je gewaardeerd? De ouder-kind relatie is nu een volwassen relatie van twee mensen met een eigen verleden waarin waarden en normen zijn meegegeven in relaties met familie, vrienden, medegelovigen. Het voert te ver om hier in deze beperkte tijd op door te gaan maar de basisbehoefte van beiden uit zich in de volgende vragen:
  1. De meeste crisis op aarde zijn crisis met een beperkte houdbaarheid. Voor ieder die gelooft komt de beste tijd nog.
  2. Kunnen jullie tegen elkaar zeggen aan het einde van jullie huwelijksreis: ‘Schat tot weerziens?’

Ik eindig met een stukje uit het boek ’Leer ons bidden’, van Andrew Murray.

Denk niet te beperkt over God in je gebeden. Het is beangstigend wanneer je God klein maakt. ‘Telkens weer stelden zij God op de proef en beperkten de Heilige van Israël (psalm 78). Jezus deed niet veel krachten vanwege hun ongeloof (Mattheüs 13). Behalve ongeloof is er niets dat God in de weg staat want ‘zou er voor de HEERE iets te wonderlijk zijn?’ (Gen. 18). Behoed je ervoor om te beperkt van God te denken in je gebed, niet alleen door ongeloof maar ook om net te doen alsof je weet wat Hij kan doen. Verwacht onverwachte dingen, groter dan wij vragen of bedenken. Wees eerst stil en aanbid God, elke keer als je voorbede doet. Erken Zijn macht en verwacht grote dingen.

Ik leerde op Hem te vertrouwen en alles alleen van hem te verwachten door de jaren van druk en zorgen en ervaarde de waarheid in de diepe dalen. Wat God belooft doet Hij altijd!

Schrijf je in en ontvang gratis elke nieuwe blog